Vandaag is het Safer Internet Day, een dag waarop we wereldwijd stilstaan bij veilig en verantwoord internetgebruik. Dat deze dag hard nodig is, blijkt wel uit de wereldwijde Monitor Digitale Omgangsvormen (MDO)* van Microsoft. Zo zien en horen we dat mensen wereldwijd steeds bezorgder zijn over de toon die online aangeslagen wordt, en eerder deze week werd bekend dat een tiende van de Nederlandse jongeren zich niet volledig bewust is van de gevaren van sexting. Uit de MDO blijkt verder dat negatief onlinegedrag kan leiden tot wantrouwen in anderen, slaaptekort en zelfs tot depressies.

Eigenlijk zou het dus elke dag Safer Internet Day moeten zijn, waarbij we digitale omgangsvormen respecteren en onlinerisico’s herkennen. Want het klinkt misschien allemaal eenvoudig, zo’n ‘Safer Internet’, maar als we daar niet met elkaar aan bijdragen, dan is een ‘Safer Internet’ helemaal niet vanzelfsprekend. Alleen samen kunnen we ervoor zorgen dat iedereen het internet kan blijven gebruiken als een veilige omgeving om ideeën uit te wisselen, te leren, te spelen en ons te verbinden met anderen.

Welke onlinerisico’s ervaren mensen vooral?

Het blijkt dat mensen gemiddeld met 2,2 onlinerisico’s in aanraking komen. Het is belangrijk ons te realiseren welke risico’s er zijn, maar vooral ook hoe we er – als internetgebruiker, maar ook als ouder – mee om moeten gaan.

‘Doe maar niet’ heeft op jongeren vaak geen effect, want ze doen vaak toch wel wat ze willen. Een andere reden om iets niet gewoon maar te verbieden, is dat jongeren het niet meer durven te vertellen als er dan toch iets nadeligs gebeurt. Iets dat zelfs kan leiden tot het eerdergenoemde slaaptekort of zelfs een depressie.

Het bespreekbaar maken van de risico’s en de digitale omgangsvormen is dus belangrijk. De volgende vijf onlinerisico’s werden door de respondenten het meest genoemd:

  1. ongewenst contact;
  2. pesten;
  3. trollen (het doen van controversiële stellingen, puur om negatieve emoties op te roepen);
  4. ontvangen van ongewenste seksuele berichten;
  5. online-intimidatie.

Uit de MDO blijkt dat twee op de drie internetgebruikers ten minste aan één onlinerisico werden blootgesteld. De helft van de mensen maakt zich extreem dan wel erg veel zorgen over het onlineleven in het algemeen, en 62 procent weet niet waar ze terechtkunnen voor hulp na te zijn blootgesteld aan een onlinerisico.

Wees geen passieve, digitale omstander

Een van de redenen dat het er in onlinediscussies vaak harder aan toegaat dan in de offlinewereld, is dat het vanachter een beeldscherm moeilijker is om je in een ander te verplaatsen. Maar we hoeven geen passieve, digitale omstander te zijn.

Ook op het internet kun je als omstander ingrijpen en het online lastigvallen van iemand adresseren, klaarstaan voor degene die online wordt lastiggevallen en dergelijk gedrag zelfs rapporteren. Samen kunnen we online omgangsvormen verbeteren.

  1. Maak het thuis bespreekbaar. Bespreek thuis de risico’s van bijvoorbeeld sexting en vraag naar ervaringen op school of in hun omgeving.
  2. Stimuleer empathie. Het is vanachter een beeldscherm moeilijker om je in een ander te verplaatsen. Bespreek wat je kinderen zouden doen in sommige situaties en stimuleer juist empathie in de digitale wereld.
  3. Kom op voor jezelf en voor anderen. Help mensen die het slachtoffer zijn van onlinemisbruik en zorg dat ze niet in een isolement komen.

Meer veiligheidstips?

Wil je meer weten over hoe je jezelf kunt beschermen tegen onlinebedreigingen? Bekijk dan onze andere blogposts over dit onderwerp in ons Dossier Safer Internet. In een serie van blogs delen we als Microsoft-medewerkers – maar ook als (groot)ouder, oom of tante – onze ervaringen. Wil je praktische onlineveiligheidstips delen met je kind(eren)? Bekijk dan zeker de video waarin boyband B-Brave vijf onlineveiligheidstips geeft.

Klik op de afbeelding om deze te vergroten

* Afgelopen zomer vroegen we mensen in veertien verschillende landen naar hun beeld van de manier waarop we online met elkaar omgaan. Daarnaast onderzochten we de mate waarin zowel tieners (13 tot en met 17 jaar) als volwassenen (18 tot en met 74 jaar) op enig moment in hun leven werden blootgesteld aan onlinerisico’s. We gingen uit van zeventien verschillende onlinerisico’s verdeeld over vier categorieën: gedrag, reputatie, seksueel, opdringerigheid**. En we stelden vragen als: wat voor gevoel heb jij bij de huidige digitale omgangsvormen, welke onlinerisico’s heb jij of de mensen om je heen gelopen, en hoeveel zorgen maak je je om deze risico’s? * De gecombineerde gegevens uit het onderzoek verwerkten we in een MDO-score op een schaal van 0 tot 100 om aan te geven hoe het gesteld is met onlineomgangsvormen. Die score staat op basis van de resultaten uit de onderzochte veertien landen wereldwijd op 65. Daarbij geldt dat hoe lager de score, hoe lager de blootstelling aan onlinerisico’s.

** De vier categorieën

  • Gedrag – gemene behandeling, trollen (het innemen van omstreden stellingen puur om negatieve emoties op te roepen), online lastigvallen, cyberpesten, swatting (het plaatsen van valse politiemeldingen).
  • Reputatie – doxxing (het openbaar maken van persoonlijke informatie), schade aan persoonlijke reputatie, schade aan zakelijke reputatie.
  • Seksueel – ontvangen van ongewenste seksuele berichten, ongewenst benaderd worden, verzenden van ongewenste seksuele berichten, seksuele afpersing, wraakporno;
  • Opdringerigheid – ongewenst contact, haatzaaien, discriminatie, ronselen voor terrorisme.